Christelijke ‘afgoden’

Veel christenen hebben hun christelijke ‘afgoden’. Dat kunnen voorgangers zijn, schrijvers, mensen die een of andere methode hebben ontwikkeld, genezers, zangers, profeten… We leggen ons geestelijk lot in hun handen.

Sommigen komen altijd aan met een bepaalde dominee, die zo mooi kan zeggen hoe je de Bijbel moet lezen en hoe God in het leven van een mens werkt. Anderen schermen voortdurend met een bepaalde schrijver die zulke originele gedachten op papier heeft gezet. Weer anderen geloven zoals hun profeet het hun voorschrijft of rijden stad en land af om hun ‘geestelijk idool’ te horen.

Maar waar zijn de mensen die helemaal vol zijn van de Here Jezus? Die niet via een omweggetje over Hem spreken, maar die Hem kennen, met Hem leven. Mensen bij wie je proeft, dat ze God kennen van aangezicht tot aangezicht, zoals staat geschreven van Mozes (Deuteronomium 34:10). Mensen die Jezus zien (Hebreeën 2:9).

Er wordt best nog wel gesproken over Jezus. Over wat we van Hem vinden. Over wat anderen van Hem vinden. En het liefst over Zijn liefde, Zijn genade, Zijn goedheid. En liever niet al te veel over Zijn rechtvaardigheid en over Zijn wederkomst.

Maar kennen we Hem wel? In de zin zoals Paulus het bedoelt: ‘…om Hem te kennen…’ (Filippenzen 3:10). Denk niet dat we Hem vanzelf leren kennen, dat het ons wel even aan komt waaien.
Het is veelzeggend dat de bijbelkennis van veel christenen ronduit slecht is. We geloven in Jezus, maar we kennen de Bijbel niet meer. We zijn gemakzuchtige christenen geworden. We lezen liever wat anderen over Jezus schrijven dan dat we ons zelf verdiepen in Zijn eigen Woord. We nemen genoegen met tweedehands voedsel, terwijl de Here juist en vooral door Zijn Woord direct tot ons wil spreken.

Heel veel christenen hebben nog nooit de hele Bijbel gelezen. Een stukje hier, een bijbelboek daar. Bijna alle predikanten en voorgangers hebben eveneens hun eigen voorkeuren. Ook in de zondagse diensten zijn er tal van bijbelboeken die nooit aan bod komen, die nog wel in onze Bijbel staan, maar die we niet kennen.
Uit ervaring weet ik hoe zegenrijk het is om heel de Bijbel te lezen. Gewoon voorin beginnen en doorlezen tot het einde toe. Je komt gedeelten tegen die volstrekt nieuw voor je zijn. Misschien kent u nog maar de helft van Zijn Woord of nog minder.

Het kan zijn dat u denkt dat u het bijbellezen wel een keer kunt overslaan omdat u immers een eindtijdroman of een ander geestelijk boek aan het lezen bent. Ik wil u graag aansporen om die boeken eens wat eerder of vaker aan de kant te leggen en dagelijks in uw Bijbel te lezen. Als u tenminste wilt groeien in het geloof en de Here Jezus beter wilt leren kennen.
Is dat teveel gevraagd? We hebben overal tijd voor… Misschien zit u wel een paar uur per dag voor de televisie en achter internet. Misschien verslindt u wel wekelijks allerlei boeken. En misschien moet God het doen met de minuutjes die overschieten. Dan moet het ons ook niet verbazen wanneer ons geloof zwak blijft en we eigenlijk moeten erkennen dat we de Bijbel maar slecht kennen.

Op zich heb ik niets tegen allerlei boeken over de Bijbel, over bijbelse personen, over de toekomst. Wel is het risico aanwezig dat we zo gefascineerd raken door deze boeken en hun schrijvers, dat zij de plaats van de Bijbel in gaan nemen.
Beseffen we wel welke kostbaarheden de Here Jezus ons aanbiedt? Als we Hem kennen, zijn we schatrijk, al zijn we naar de maatstaven van de wereld misschien straatarm. En dat is niet iets voor na dit leven, in de hemel, maar dat begint al hier, in het kennen van Hem en het leven met Hem.

Dirk van Genderen