Wederkomst uitgesteld?

Kan het zijn dat de Here Jezus Zijn wederkomst heeft vertraagd, zoals ik onlangs ergens las? Is het misschien beter om die verwachting maar wat te temperen, omdat mensen teleurgesteld kunnen raken wanneer Zijn komst uitblijft?

Al bijna 2000 jaar zien christenen uit naar de wederkomst van de Here Jezus. Door velen is op tal van manieren die verwachting levend gehouden. Talloze lezingen zijn over het thema gehouden, meters boeken zijn erover geschreven, duizenden artikelen zagen het licht. Maar de wereld draait door. Alles lijkt bij hetzelfde te blijven. Jezus is nog altijd niet verschenen. En veel van Zijn volgelingen weten geen goed antwoord op de vraag wanneer Hij nu eindelijk eens komt.

In het verleden is wel eens te stellig en te gemakkelijk beweerd dat de komst van de Here Jezus zeer nabij was. Sommigen brachten deze boodschap als een vluchtweg uit moeilijkheden. Het is dan niet zo nodig meer om beschikbaar te zijn op de plaats waar God je heeft geplaatst. Het is immers bijna voorbij, waarna alles weer mooi en goed wordt en alle moeilijkheden verleden tijd zijn.

In reactie hierop stellen anderen dat Jezus voorlopig nog niet terugkomt. Ik vermoed dat de groep christenen die rekening houdt met de spoedige komst van de Here Jezus – althans in ons land – kleiner wordt. Er wordt nog wel over gesproken, maar de wederkomst verdwijnt steeds verder uit de geloofsverwachting van velen. Het lijkt er zelfs op dat een groeiend aantal christenen het als opdracht ziet om zelf het Koninkrijk van God op aarde vorm te geven. Daar hebben ze God niet meer voor nodig.
Anderen suggereren dat de Here Zijn komst heeft vertraagd en komen met allerlei vroom klinkende argumenten om zichzelf gerust te stellen. Mensen die nog niet geloven, zouden nu extra tijd krijgen om tot geloof te komen.

Een vraag die wel wordt gesteld, is hoe lang je door kunt gaan met het brengen van een boodschap die maar niet uit lijkt te komen. Belangrijker is nog dat we onszelf eens kritisch moeten afvragen hoe we deze boodschap van de komst van de Here Jezus brengen. Het is niet zo moeilijk om weerstand op te roepen en dan te zeggen dat we geminacht worden vanwege ons geloof. Laten we niet elke afwijzing opvatten als lijden vanwege het Evangelie, hoewel het heel bijbels is dat deze boodschap weerstand op zal roepen.

De apostel Petrus wees er al op dat er in de laatste dagen spotters zouden komen die zullen vragen waar de belofte van Zijn komst blijft, omdat alles al sinds de schepping hetzelfde blijft. Nadrukkelijk stelt hij dat de Here niet talmt met de vervulling van Zijn belofte, maar dat Hij lankmoedig is en niet wil dat iemand verloren gaat, maar dat allen tot bekering zullen komen. Petrus spoort zijn lezers – ook ons – aan om in heilige wandel en godsvrucht die dag van Christus’ komst te verwachten.

Het is opmerkelijk dat de Bijbel in Openbaring 22 besluit met een gezamenlijke roep van de Geest en van de bruid – de gelovigen – om de spoedige komst van de Here Jezus. Omdat de Geest in de gelovigen woont, is het eigenlijk onmogelijk dat die roep om Zijn komst niet wordt gehoord. Hij zal die roep in ons geven. Hij laat niet via de engelen roepen. Het is de mens, samen met de Heilige Geest, die Hem roept om te komen. Waarna Jezus antwoordt: ‘Ja, Ik kom spoedig’.

Een levende verwachting van de komst van de Here Jezus zal een zegenrijke uitwerking hebben op de gemeente. Dat is wel gebleken in tijden van opwekking. Het zette mensen aan tot levensheiliging en inzet om anderen te bereiken met het Evangelie. Bidt u mee?

Dirk van Genderen