Verblijd en verheug u…

Veel christenen in ons land maken zich zorgen over de toekomst. We zullen het moeilijker gaan krijgen. We schrijven erover in onze kranten en bladen, we kaarten het aan in de politiek, in onze kerken en gemeenten. Ik zeg niet dat dit onterecht is, begrijp mij goed.
Maar door deze opstelling zijn we een kreunende en steunende groep aan het worden, waar meewarig naar gekeken en over geschreven en gesproken gaat worden.
Laat onze reactie totaal anders zijn: Verblijd en verheug u, want uw loon zal groot zijn in de hemelen.

En zeker, ook ik ben ervan overtuigd dat de vrijheid voor christenen om hun geloof zichtbaar en hoorbaar te laten worden, onder druk staat. Geen misverstand daarover.
En zeker, we mogen ons inzetten om een keer in deze situatie te brengen. De één in de politiek, een ander in de media en weer een ander op de kansel.

Maar waar zijn de christenen die op de knieën liggen en tot de Here roepen om genade, om ontferming? Waar zijn de christenen, die verheugd en verblijd zijn, omdat hun loon groot zal zijn in de hemelen?

Als iets tot me doorgedrongen is de afgelopen dagen toen ik hierover nadacht, is het wel dat wij geen enkel recht hebben op vrijheid om ons geloof te belijden en in de praktijk te brengen.
Ik moest denken aan de tijd dat de Here Jezus hier op aarde rondwandelde en Zijn boodschap drie jaar lang in het openbaar bracht. Die tijd was niet zoveel anders dan de tijd waarin wij leven. Grote scharen volgden Hem, sommigen geloofden, maar velen vonden dat Zijn mond gesnoerd moest worden.
Als Hij geslagen werd, deed Hij Zijn mond niet open, maar Hij keerde Zijn andere wang toe. Hij had Zijn vijanden lief. Hij zegende wie Hem vervolgde.

Denk eens aan wat we lezen in het Bijbelboek Handelingen. De apostelen brachten het Evangelie. God werkte zo door hen heen dat zieken werden genezen. Velen kwamen tot geloof in de Here Jezus.
De vijandschap tegen hen nam toe. Ze werden opgepakt, geslagen. Hun werd te verstaan gegeven dat hun boodschap ongewenst was. En wat deden ze? Gingen ze protesteren? Organiseerden ze handtekeningenacties of protestmarsen?

Niets van dat alles. Handelingen 5:40b-42 zegt het zo treffend: ‘…en toen zij de apostelen bij zich geroepen hadden, geselden zij hen en geboden hun dat zij niet zouden spreken in de Naam van Jezus, en zij lieten hen gaan.
Zij dan gingen weg uit de tegenwoordigheid van de Raad en waren verblijd dat zij waardig geacht waren, omwille van Zijn Naam smaadheid te lijden.
En zij hielden niet op iedere dag in de tempel en bij de huizen onderwijs te geven en Jezus Christus te verkondigen.’

Wat een les voor ons. Juist dit aspect mis ik in het huidige debat over deze ontwikkeling, zeker nu ook in de seculiere media deze zaak ruim aandacht krijgt. Kranten als de NRC en de Volkskrant constateren eveneens dat de vrijheid van christenen om hun getuigenis in woord en daad zichtbaar te laten horen en zien onder druk staat.

Wat zou er een krachtig getuigenis van de christelijk geloof uitgaan wanneer onze reactie meer zou zijn zoals die van de apostelen in Handelingen 5.

Vandaar mijn pleidooi, om niet alleen te letten op de dreiging die er uitgaat van de huidige ontwikkelingen in de maatschappij. Het klinkt voor u misschien vreemd, maar ik geloof dat we ook mogen leren om ons te verheugen over deze ontwikkeling. Niet omdat we het fijn vinden om te moeten lijden vanwege ons geloof, maar omdat de Here ons waardig acht om te mogen lijden omwille van Zijn Naam.

Dat is iets wat we moeten leren. Daar mogen we de Here ook om bidden. Dat gaat echt niet vanzelf. Het is een voorrecht als we mogen lijden voor Hem.
Hij, onze geliefde Here en Heiland, bereidde ons er toch al op voor, toen Hij tegen Zijn discipelen zei: ‘In de wereld zult u verdrukking hebben, maar heb goede moed: Ik heb de wereld overwonnen’ (Johannes 16:33).

We hoeven deze weg niet alleen te gaan, laten we dat nooit vergeten. We hoeven echt niet voor onszelf te strijden. In het laatste vers van het Mattheüs-Evangelie klinken de woorden van de Here Jezus: ‘En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld’ (Mattheüs 28:20).

En vanuit de Bergrede klinken Zijn woorden ons toe: ‘Zalig zijn zij die vervolgd worden om de gerechtigheid, want van hen is het Koninkrijk der hemelen.
Zalig bent u als men u smaadt en vervolgt, en door te liegen allerlei kwaad tegen u spreekt, omwille van Mij.
Verblijd en verheug u, want uw loon is groot in de hemelen, want zo hebben ze de profeten vervolgd die er vóór u geweest zijn’ (Mattheüs 5:10-12).

Wat een bemoediging, om zo een nieuw jaar in te gaan. Met deze woorden van de Here Jezus. Zijn wederkomst is aanstaande. Er komt een einde aan het lijden, aan vervolging.
Wanneer Hij komt, zullen we Hem ontmoeten in de lucht, om voor altijd bij Hem te zijn, de Vredevorst, de koning van Israel (Johannes 1:50).

Ik vergeet Israel niet, zeker niet. Israel zal zeker volop delen in deze rijke zegen. Heel Israel zal zalig worden (Romeinen 11:26). Dan wordt Zijn shalom werkelijkheid.

Van harte wens ik u allen Gods rijke zegen en Zijn nabijheid toe voor het nieuwe jaar.

Dirk van Genderen