Het bloed van Jezus Christus, Gods Zoon, reinigt ons van alle zonde

Aanstaande week is het Goede Vrijdag. Dan gedenken we dat de Here Jezus werd gekruisigd, is gestorven en begraven. Hoe zwaar het lijden voor Hem ook was, het is terecht deze dag ‘Goed’ te noemen. Omdat het bloed van Jezus Christus, Gods Zoon, dat vanaf het kruis naar beneden druppelde op de aarde, ons reinigt van alle zonde (1 Johannes 1:7).

Om het belang te begrijpen van het bloed van de Here Jezus, gaan we eerst naar het Oude Testament, naar Leviticus 16. Daar lezen we dat de hogepriester één keer per jaar, op de Grote Verzoendag, het heilige der heiligen binnenging. Daar moest het bloed op het verzoendeksel van de ark worden gesprenkeld, en ook voor het verzoendeksel.
‘Zo moest over het heiligdom verzoening worden gedaan vanwege de onreinheden van de Israëlieten en vanwege hun overtredingen, overeenkomstig al hun zonden’ (vers 16).

Dit bloed werkte maar tijdelijk, want elk jaar opnieuw moest de hogepriester op deze manier verzoening doen voor zijn eigen zonden en voor de zonden van het hele volk. Ook moest er bloed van de jonge stier en van de bok worden gesprenkeld op het horens van het altaar, ter reiniging en heiliging van de onreinheden van de Israëlieten.
Daarna werd één van de twee bokken de woestijn ingezonden, nadat de hogepriester zijn handen op de kop van de bok had gelegd en al de ongerechtigheden van de Israëlieten beleden had, al hun overtredingen, overeenkomstig hun zonden. Zo droeg die bok alle ongerechtigheden weg.

Het bloed, dat de hogepriester sprenkelde in het heilige der heiligen, op en voor het verzoendeksel, wees heen naar het bloed van het Offerlam, de Here Jezus Christus.
Hij, de Here Jezus, bracht het volmaakte offer; Hij was het volmaakte offer.

Hebreeën 9 spreekt daar zo rijk over, vers 11-14:
11 Maar toen is Christus verschenen, de Hogepriester van de toekomstige heilsgoederen. Hij is door de meerdere en meer volmaakte tabernakel gegaan, die niet met handen is gemaakt, dat is: die niet van deze schepping is.
12 Hij is niet door bloed van bokken en kalveren, maar door Zijn eigen bloed voor eens en altijd binnengegaan in het heiligdom en heeft daardoor een eeuwige verlossing teweeggebracht.
13 Want als het bloed van stieren en bokken en de as van de jonge koe, op de verontreinigden gesprenkeld, hen heiligt tot reinheid van het vlees,
14 hoeveel te meer zal het bloed van Christus, Die door de eeuwige Geest Zichzelf smetteloos aan God geofferd heeft, uw geweten reinigen van dode werken om de levende God te dienen!

En verderop vers 24-26:
24 Want Christus is niet binnengegaan in het heiligdom dat met handen gemaakt is en dat een tegenbeeld is van het ware, maar in de hemel zelf, om nu voor het aangezicht van God te verschijnen voor ons,
25 en dat niet om Zichzelf dikwijls te offeren, zoals de hogepriester elk jaar in het heiligdom binnengaat met bloed dat niet van hemzelf is.
26 Want dan had Hij vanaf de grondlegging van de wereld dikwijls moeten lijden. Maar nu is Hij bij de voleinding van de eeuwen eenmaal geopenbaard om de zonde teniet te doen door Zijn offer.

De hogepriester nam in de tempel het bloed van bokken en kalveren mee, maar de Here Jezus ging het heiligdom – de hemel (vers 24) – binnen met Zijn eigen bloed. Het bloed gesprenkeld door de hogepriester voor een reiniging, bracht vergeving voor maximaal één jaar. Het bloed van de Here Jezus bracht een eeuwige verzoening teweeg. Wat een kracht is er in het bloed van Hem!

Deze reiniging door het bloed van de Here Jezus is een voortdurend proces. Het staat in 1 Johannes 1:7 in de praesensvorm van het werkwoord ‘katharizō’. Christenen mogen leven binnen de werkingssfeer van het reinigende bloed van Jezus Christus, de Zoon van God. Wanneer er zonde in ons leven is of komt, laten we dan zo snel mogelijk naar Hem rennen, om ons te laten reinigen door Hem.

Het bloed van Christus wast ons schoon, hoe onrein we ook zijn. Al zijn we de grootste van de zondaren. Zelf zijn we niet in staat ook maar één zonde weg te wissen. Al zouden we heel ons leven boete doen, huilen, op onze knieën naar Jeruzalem kruipen. Maar Zijn bloed reinigt van alle zonde. Zijn bloedrode bloed maakt ons witter dan sneeuw.

In de Bijbel wordt op veel plaatsen gesproken over het bloed van Christus. In Efeze 1:7 lezen we: ‘In Hem hebben wij de verlossing, door Zijn bloed, namelijk de vergeving van de overtredingen, overeenkomstig de rijkdom van Zijn genade.’

In Openbaring 5:9 staat: ‘En zij zongen een nieuw lied en zeiden: U bent het waard om de boekrol te nemen en zijn zegels te openen, want U bent geslacht en hebt ons voor God gekocht met Uw bloed, uit elke stam, taal, volk en natie.’

Ook de inzettingswoorden van de Here Jezus in Mattheus 26:28 verwijzen naar Zijn bloed: ‘Want dit is Mijn bloed, het bloed van het nieuwe verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden.’

Wij hadden de vloek van God verdiend, door onze zonde. De vloek moest voltrokken worden. Die vloek kwam neer op Christus. Denkt u Zich eens in: de toorn van God richtte Zich op Hem. Onze zonden werden in Hem gestraft. Daarom was het lijden en het sterven voor Hem ook zo onuitsprekelijk zwaar.

Galaten 3:13 zegt: ‘Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek van de wet door voor ons een vloek te worden, want er staat geschreven: Vervloekt is ieder die aan een hout hangt.’

Zijn lijden was zo afschuwelijk. In Mattheus 26:38 zegt de Here Jezus: ‘Mijn ziel is zeer bedroefd, tot de dood toe.’ Zo voelde Hij de toorn van God over onze, over mijn zonde. Bedenk daarbij dat Hij volkomen Onschuldig, Heilig was.
1 Petrus 1:18 en 19 zegt: ‘In de wetenschap dat u niet met vergankelijke dingen, zilver of goud, vrijgekocht bent van uw zinloze levenswandel, die u door de vaderen overgeleverd is, maar met het kostbaar bloed van Christus, als van een smetteloos en onbevlekt Lam.’

Gods toorn brandde tegen Hem, toen Hij daar hing aan het kruis. Tussen hemel en aarde. Drie uur lang was het aardedonker. Wat zal dat vreselijk geweest zijn voor Hem, Die het licht van de wereld is. Wij kunnen ons daar geen voorstelling van maken.

Alleen zo kon Hij ons van Gods oordeel, van de kwelling van de hel verlossen. Beseffen we dat?
Jesaja 53:6 zegt: ‘Maar de HERE heeft de ongerechtigheid van ons allen op Hem doen neerkomen.’
En in Jesaja 53:10 lezen we: ‘Het behaagde de Here Hem te verbrijzelen.’
‘Het is de Here der heerlijkheid die zij gekruisigd hebben,’ zegt 1 Korinthe 2:8.

De Zoon van God werd het Lam van God.
Het kruis werd het altaar.
Wat betaald moest worden, werd betaald.
Onschuldig bloed was nodig.
Onschuldig bloed werd geofferd, voor eens en voor altijd.
Het is volbracht!

Wat doen we met het bloed van Christus? Zijn we nog als degenen die het bloed van het verbond onrein achten (Hebreeën 10:29). Daar staat: ‘Hoeveel te zwaarder straf, denkt u, zal hij waard geacht worden die de Zoon van God vertrapt heeft en het bloed van het verbond, waardoor hij geheiligd was, onrein geacht heeft en de Geest van de genade gesmaad heeft?’

Stel uw vertrouwen op Hem. Laat u (voortdurend) door Hem reinigen. Hij heeft Zijn leven gegeven, Zijn bloed gestort, om u te redden. Hij verlangt ernaar ook u genadig te zijn.
Geen zonde is te groot om niet gereinigd te kunnen worden door Zijn bloed.
Belijd uw zonden, bekeer u, ga naar de Here Jezus en laat u schoon wassen door Zijn bloed.

Hoe kostbaar is het bloed van de Here Jezus! Vroeger mocht de hogepriester slechts één keer per jaar het heilige der heiligen binnengaan. Alleen met bloed.
Maar wij mogen, als we de Here Jezus kennen, omdat Hij éénmaal Zijn bloed heeft gestort, voortdurend het heilige der heiligen van Gods tegenwoordigheid binnengaan (Hebreeën 4:16). Door het bloed van het Lam (Openbaring 7:14).

Eenmaal komt het moment dat wij daadwerkelijk het heiligdom binnen mogen gaan. Aan het einde van ons leven of – dat kan ook – als de Here Jezus wederkomt. Zijn komst is aanstaande… Dan zullen we Hem zien van aangezicht tot aangezicht. Wat een dag zal dat zijn…

Dirk van Genderen