Werk aan de winkel

Mattheus 24 spreekt over de verkondiging van het Evangelie in de hele wereld, waarna het einde zal komen, de komst van de Here Jezus: ‘En dit Evangelie van het Koninkrijk zal in heel de wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken; en dan zal het einde komen’ (vers 14). Er is nog volop werk aan de winkel om het Evangelie aan iedereen te brengen. Via de nieuwe media, maar ook in de vorm van Bijbels en Bijbelgedeelten.

Er wordt door allerlei christelijke organisaties hard gewerkt om de laatste onbereikte bevolkingsgroepen op zo kort mogelijke termijn te bereiken met het Evangelie. Iedereen, wereldwijd, moet horen over de Here Jezus.
Vertalers zijn op tal van plaatsen bezig om Bijbelgedeelten, ja, de hele Bijbel te vertalen in de taal van kleinere of grotere taalgroepen die nog niets van de Bijbel in hun eigen taal heeft. Groot is dan de vreugde wanneer de eerste Bijbels of Bijbelgedeelten kunnen worden uitgedeeld. En er is blijdschap op aarde en in de hemel als er mensen in zo’n groep tot geloof gaan komen.

Tientallen, honderden organisaties, kerken en gemeenten zetten zich in om het Evangelie door te geven aan mensen die de Here Jezus nog niet kennen. In het buitenland, wereldwijd, en ook in ons eigen land, soms bij de buren om de hoek of naast ons. En vaak zal zendingswerk gepaard gaan met praktische hulpverlening.
Veel christenen – zeker ook jongeren – weten zich door de Here geroepen om uit te gaan om anderen over de Here Jezus te gaan vertellen, om zich in de zetten voor mensen, kinderen in nood.

Sommige gemeenten collecteren regelmatig voor een algemeen zendingsfonds, waaruit allerlei zendingsprojecten worden gefinancierd. Andere gemeenten geven financiële steun aan zendingswerkers die een speciale band met de gemeente hebben. Mijn advies aan elke gemeente is om één of meer zendelingen (of missionair diaconaal werkers) te ondersteunen, financieel en in de gebeden. Dat geeft veel meer betrokkenheid met zending en hulpverlening.

Wanneer je leest wat er momenteel op het gebied van de verspreiding van het Evangelie gebeurt, krijg je de indruk dat God haast heeft. Duizenden, honderdduizenden, miljoenen mensen komen er tot geloof. We kunnen het ons nauwelijks voorstellen wat er allemaal gebeurt in met name Azië, Afrika en Zuid-Amerika.

Maar nog steeds zijn er tientallen miljoenen mensen die het Evangelie niet kennen. En nog steeds geldt dat de Here niet wil dat iemand verloren gaat, maar dat allen tot bekering komen (2 Petrus 3:9).
Denk niet te snel dat dit alleen werk is voor kerken en specifieke organisaties. Er is werk aan de winkel voor ons allemaal. Zonder onze steun en onze gebeden kunnen die organisaties niets doen. Het is belangrijk dat er mensen zijn die dit werk financieel ondersteunen.

Laten we voortdurend blijven bidden voor de verkondiging van het Evangelie. Het blijft waar dat het Woord van God levend en krachtig is en mensenlevens verandert.
Een bekend lied zingt: ‘Grijp toch de kansen door God u gegeven.’ Laten we de mogelijkheden die er zijn, optimaal benutten. In tal van landen kunnen Bijbels in alle vrijheid worden uitgedeeld. Elders, zoals in diverse islamitische landen, kan het niet anders dan in het geheim. De mogelijkheden om mensen – bijna – wereldwijd te bereiken via de nieuwe media zijn vrijwel onbegrensd.
‘Ga dan heen,’ zegt de Here Jezus, ‘onderwijs al de volken, hen dopend in de Naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, hun lerend alles wat Ik u geboden heb, in acht te nemen.
En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld. Amen’ (Mattheus 28:19 en 20).

Dirk van Genderen