Even geen commentaar…

Deze keer, bijna alweer aan het einde van de vakantie, heb ik even geen commentaar. Niet op de situatie in christelijk Nederland en ook niet op de situatie in de wereld of in Israel. Een moment van bezinning, om de Heere te zoeken in de stilte van de zomer en nieuwe kracht en visie te ontvangen voor de komende tijd.


Elia verstopte zich in de woestijn onder een bremstruik.

Ik las over Elia. Wat een Godsman was dat! En toch zegt Jakobus 5 dat Elia een mens was net zoals wij. Hij deed een vurig gebed en sprak dat het niet zou regenen in Israël, en het regende drie jaar en zes maanden niet. Elia sprak en God deed het.
Die drie jaar en zes maanden moet Elia zich verbergen voor Achab en Izebel. Eerst bij de beek Krith en later bij de weduwe in Zarfath. En de Heere zorgt voor hem, zoals Hij ook voor ons zal zorgen als de nood groot is en we ons vertrouwen op Hem alleen stellen.

Daarna volgt de geschiedenis met de Baäl-priesters. Elia’s God bewijst oneindig veel machtiger te zijn dan Baäl. En na die opzienbarende overwinning op de Karmel bidt Elia om regen. ‘Heere God, de drie jaar en zes maanden droogte zijn voorbij, er moet nu wel regen komen,’ zo zal hij wellicht gebeden hebben. Zijn geloof wordt danig op de proef gesteld. Maar de Heere hoort zijn gebeden en geeft overvloedige regen.

Nu zou je toch denken dat Elia zich wel weer in het openbaar durft te vertonen. Zijn God heeft immers krachtig bewezen de levende God te zijn. Maar juist op dit moment, na deze geweldige geestelijke overwinning, stort Elia totaal in. Reken er maar op dat de satan woedend was op Elia, na de dood van zijn Baäl-priesters, en zeker wilde proberen hem zo snel mogelijk uit te schakelen.
Als Elia hoort dat Izebel hem de volgende dag wil doden, vlucht hij naar Berseba. Hij verstopt zich in de woestijn, kruipt onder een bremstruik en wil daar sterven. ‘Het is genoeg! Neem nu mijn leven Heere, want ik ben niet beter dan mijn vaderen’ (1 Koningen 19:4). Vandaag zouden we zeggen: Elia is depressief, heeft een burnout.

Ik weet niet of u dit soort gevoelens herkent. Elia is echt niet de enige die zo door matheid en moeheid overvallen wordt. Na een geestelijk hoogtepunt, waarin je misschien wel hebt ervaren dat God bij je was, voor je streed of je misschien wel door het water of het vuur droeg (Jesaja 43), kan het plotseling geestelijk donker worden in je leven.

De Heere ziet Zijn knecht Elia liggen, daar onder die bremstruik, en ontfermt Zich over hem. Hij veroordeelt hem niet. Hij weet dat Elia oververmoeid is en rust en voedsel nodig heeft. Een engel raakt hem aan en zegt: ‘Sta op, eet.’ Dan ziet Elia een koek en een kruik water. Als hij, nadat hij gegeten en gedronken heeft, weer in slaap valt, maakt de engel van de HEERE hem opnieuw wakker en zegt: ‘Sta op, eet, want de weg zou voor u te zwaar zijn.’
Hij eet en drinkt en ontvangt daaruit zoveel kracht van God Zelf dat hij er veertig dagen en veertig nachten op vooruit kan, tot hij bij Horeb, de berg van God, komt. Daar openbaart de Heere Zich aan hem, in het suizen van een zachte stilte en krijgt hij nieuwe taken en opdrachten.

Elia was door zijn depressiviteit het zicht op God kwijtgeraakt. Daarom zegt de Heere tegen hem, als hij zich in een grot op de Horeb heeft teruggetrokken: ‘Ga naar buiten en ga op de berg staan, voor het aangezicht van de HEERE’ (1 Koningen 19:11). Wat hij nodig heeft in deze situatie, is een ontmoeting met de Heere. Om Hem te zien, met zijn geloofsogen, om Zijn stem te horen, om door Hem versterkt en bemoedigd te worden.

Nadat de profeet in 1 Koningen 19:14 eerst nog zijn nood klaagt en woorden geeft aan zijn zelfmedelijden – ‘…ik alleen ben overgebleven en zij staan mij naar het leven om het mij te benemen…’ zegt de Heere tegen hem: ‘Maar Ik zal er in Israel zevenduizend overlaten, allen die de knieën niet gebogen hebben voor Baäl en allen van wie de mond hem niet gekust heeft’ (vers 18).

Vermoedelijk was Elia de afgelopen tijd te zeer gericht geweest op de zonden van het volk en de oordelen van God, maar was hij het zicht op Gods genade kwijtgeraakt. Wat een les, ook voor ons.
Elia’s taak op aarde was nog niet voorbij. Hij moest eerst Elisa – zijn opvolger – nog inwerken en inwijden en Hazaël zalven tot koning over Syrië en Jehu tot koning over Israel. En ondertussen bereidt de Heere een koninklijke thuiskomst van Elia voor naar de hemel, met een vurige wagen en vurige paarden (2 Koningen 2:11).

‘Even geen commentaar’, schreef ik, omdat het mijn verlangen is om, evenals Elia, van de Heere nieuwe kracht en nieuwe visie te ontvangen om in Zijn kracht verder te gaan en bruikbaar te zijn voor Hem. Dat wens ik ook u toe.

Dirk van Genderen