Ik was deze week onderweg naar een bidstond, met een gebed in mijn hart: ‘Heere, wilt U me een woord geven om over te schrijven en zondag over te spreken.’ En plotseling was het alsof ik de woorden hoorde: ‘Nederland staat in z’n achteruit, bij God vandaan.’ Ik was geschokt, dit is precies wat we in ons land zien gebeuren!
En ’s avonds, toen ik de Bijbel opende voor het slapen gaan, las ik de woorden uit Jeremia 22:29: ‘Land, land, land, hoor het woord van de HEERE’. En ik roep het uit: ‘Nederland, Nederland, Nederland, hoor het woord van de Heere.’
Ons land is in crisis. Niet alleen ons land, maar de hele wereld, zo lijkt het wel. Maar de grootste nood is niet de crisis in de landbouw, is niet de droogte, zijn niet de financiële problemen. De grootste nood is het probleem van de zonde, daar vloeit alle ellende uit voort. Gods wet is voor velen alleen maar lastig. Ieder doet wat goed is in eigen oog, of het nu gaat om seksualiteit, relaties of over het vergieten van onschuldig bloed van ongeboren kinderen, om enkele voorbeelden te noemen. We bepalen zelf wel hoe we leven. God wordt steeds verder weggebannen uit onze samenleving.
Nederland staat niet in z’n vooruit, naar God toe, maar in z’n achteruit. De diepste oorzaak van de problemen in ons land is een geestelijk probleem. In Jeremia 2:13 wordt dit haarfijn aangegeven door de Heere zelf: ‘Mijn volk heeft Mij, de bron van levend water, verlaten.’
En zeker, Jeremia spreekt al deze woorden allereerst tegen Zijn eigen volk, maar deze woorden klinken ook tot ons. Gods Woord is immers levend en krachtig. En wat Israel is overkomen, heeft een boodschap in zich voor ons. 1 Korinthe 10:11 en 6 zeggen: ‘Al deze dingen zijn hun overkomen als voorbeelden voor ons, en ze zijn beschreven als voorbeelden voor ons, over wie het einde van de eeuwen gekomen is. (…) opdat wij niet zouden verlangen naar kwade dingen, zoals ook zij verlangd hebben.’
Deze week werd in ons land een nieuwe crisis uitgeroepen: de droogtecrisis. Ik ben ervan overtuigd dat ook het klimaatprobleem, zoals nu opnieuw de droogte, ten diepste hiermee samenhangt. De profeet Jesaja spreekt er uitgebreid over.
‘Het treurt, verwelkt – dat land;
hij verkommert, verwelkt – de wereld;
zij verkommeren – de voornaamsten van de bevolking van het land.
Want het land is ontheiligd door zijn inwoners:
zij overtreden de wetten, zij veranderen elke verordening,
zij verbreken het eeuwige verbond.
Daarom verteert de vervloeking het land
en moeten zijn inwoners boeten.’ (Jesaja 24:4-6a)
Ik vraag me af hoe de Heere vanuit de hemel naar ons land en ons volk kijkt. Jazeker, Hij weet tot in detail wat er gebeurt, voor en achter de schermen. Er kan een moment komen dat wij Gods oordelen over ons afroepen, dat Hij Zijn beschermende handen terug kan trekken, kijk naar Sodom en Gomorra, kijk naar Babylon.
Maar nog is het niet zover. Daarom roep ik het met kracht uit: ‘Nederland, Nederland, Nederland, hoor het woord van de Heere. Keer terug tot Hem, kom tot inkeer, bekeer u! Breek met de zonden.
Laten we de weg gaan van Jeremia 22:2 en 3 – ‘Hoor het woord van de HEERE (…) doe recht en gerechtigheid. Red wie beroofd is uit de hand van wie onderdrukt. Buit een vreemdeling, een wees en een weduwe niet uit. Doe niemand geweld aan en vergiet geen onschuldig bloed in deze plaats.’
Uit de opwekkingsgeschiedenis is bekend dat een opwekking, een terugkeer tot de Heere, ook in de samenleving en in de natuur Gods zegen zichtbaar laat worden.
Die gedachte zit ook in 2 Kronieken 7:14 – ‘…en Mijn volk, waarover Mijn Naam is uitgeroepen, in ootmoed buigt en bidt, en zij Mijn aangezicht zoeken, en zij zich bekeren van hun slechte wegen, dan zal Ik vanuit de hemel horen, hun zonden vergeven en hun land genezen.’
Ziet u het? ‘…uw land genezen…’ Wat een wonder van Gods goedheid en Zijn genade.
‘De Heere wil niet dat enigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen,’ lezen we in 2 Petrus 3:9.
‘Bekeer u tot Mij, met heel uw hart, spreekt de HEERE,
namelijk met vasten, met geween en met rouwklacht.
En scheur uw hart
en niet uw kleren.
Bekeer u tot de HEERE, uw God,
want Hij is genadig en barmhartig,
geduldig en rijk aan goedertierenheid,
en Hij heeft berouw over het kwaad.
Wie weet, zal Hij Zich omkeren en berouw hebben,
zodat Hij een zegen achter Zich overlaat’ (Joël 2:12b-14a).
Laten al Gods kinderen niet achteruit lopen, bij God vandaan, maar naar Hem toelopen, dichter naar Hem toe.
‘Met vrijmoedigheid mogen we naderen tot de troon van de genade, opdat wij barmhartigheid verkrijgen en genade vinden om geholpen te worden op het juiste tijdstip,’ zegt Hebreeën 4:16.
Laten we naar de Heere Jezus gaan en de noden van ons land en van ons volk aan Hem voorleggen. We mogen ook wel bidden dat Hij Zijn bewogenheid in ons hart uitstort.
Dat proef ik zo in de woorden van Paulus in 2 Korinthe 5:11 en 20 – ‘Nu wij dus vrees voor de Heere kennen, bewegen wij de mensen tot het geloof. (…) Wij zijn dan gezanten namens Christus alsof God Zelf door ons smeekt. Namens Christus smeken wij: laat u met God verzoenen.’
Volk van Nederland, laat u met God verzoenen!
Dirk van Genderen